Steeds meer zicht op HVO

In het artikel ‘HVO wetenschappelijk op de kaart zetten’ legde Eveline Oostdijk uit hoe haar wetenschappelijk onderzoek naar de praktijk van HVO er concreet zou gaan uitzien. Een vragenlijst was afgenomen onder alle HVO-docenten en er stonden zes casestudies op de planning. Inmiddels zijn we een paar jaar verder en benieuwd hoe het onderzoek gevorderd is. We vroegen haar naar de stand van zaken.

Tussenstand

In april 2014 is er een vragenlijstonderzoek gehouden onder alle HVO-docenten. In dat onderzoek stond de vraag naar het geïnterpreteerde curriculum centraal (zie ‘Klein en groot denken: onderzoek naar het curriculum van hvo’. De vragenlijst richtte zich met name op de doelen die docenten met HVO hebben, en de manier waarop ze deze in praktijk brengen. De resultaten van dit onderzoek verschenen december 2016 in het artikel ‘Tussen autonomie en sociale ontwikkeling: Docenten over doelen, inhoud en werkvormen in humanistisch vormingsonderwijs’ in het godsdienst-pedagogisch tijdschrift Narthex.

De belangrijkste conclusies waren dat docenten wat betreft doelen en inhoud de focus leggen op de ontwikkeling van autonomie, zonder het sociale aspect uit het oog te verliezen. Het werken aan de sociale ontwikkeling wordt ook belangrijk gevonden, en komt vooral tot uiting in de ontwikkeling van sociale vaardigheden en in het goed omgaan met elkaar. Het stimuleren van sociale rechtvaardigheid vinden docenten minder belangrijk. De connectie tussen individuele doelen en maatschappelijke doelen die docenten zeggen te maken, is minder sterk dan op basis van een humanistisch perspectief op educatie verwacht zou mogen worden. De verschillende verklaringen die daarvoor te geven zijn, zijn te lezen in het hiervoor genoemde artikel.

In de praktijk

Na het afronden van dit deel van de studie is Eveline casestudies gaan uitvoeren. “Ik ben bij zes docenten HVO, verspreid over Nederland, geweest om een aantal weken in hun lessen te kijken. Ik interviewde hen, observeerde de lessen en vroeg de leerlingen naar hun ervaringen met HVO.” Ze vertelt dat het zeer waardevol was om de praktijk van binnenuit te onderzoeken en in gesprek te gaan met de docenten en de leerlingen. Ze heeft daarbij gekeken naar de doelen die docenten hebben met hun lessen, en naar de manier waarop daar in de praktijk aan wordt gewerkt. Daarnaast was ze geïnteresseerd in het pedagogisch en didactisch handelen, de manier waarop er over humanisme wordt gedacht en de vraag welke knelpunten docenten kunnen ervaren bij het behalen van hun doelen.

Op de vraag wat leerlingen nu eigenlijk van HVO vinden, zegt Eveline dat leerlingen ervaren dat ze bij HVO zelf op onderzoek mogen gaan: ‘De groepsleerkracht vertelt ons dat we aardig voor elkaar moeten zijn, de HVO-juf laat ons onderzoeken waarom dat belangrijk is’. Het vragende en onderzoekende karakter van HVO wordt door de meeste leerlingen als onderscheidend gezien.

Het vervolg

Het belangrijkste is nu dat de casestudies verder worden geanalyseerd. De resultaten daarvan wil Eveline ook publiceren. Daarna moet het proefschrift worden afgeschreven. Op de vraag hoe ze dat voor zich ziet, antwoordt ze: “Om goed te kunnen schrijven heb je veel concentratie nodig. Inmiddels is mijn jongste kind drie en zijn de gebroken nachten zo goed als voorbij. En mijn man is op dit moment meer thuis met de kinderen zodat ik meer tijd heb om te kunnen schrijven. Er moet nog veel werk worden verzet, maar ik zie het zonnig in.” Eveline hoopt haar proefschrift in 2018 te verdedigen.

Belang voor de praktijk van HVO

Zoals bekend heeft de Tweede Kamer op 20 december 2016 het wetsvoorstel Ypma, Voordewind en Rog met ruime meerderheid aangenomen. Met deze wet kan structurele bekostiging van de lessen GVO en HVO in het openbaar basisonderwijs in de wet verankerd worden (zie het artikel ‘Tweede kamer regelt vaste financiering vormingsonderwijs’). Eveline: “Met het aannemen van deze wet krijgt de sector een nieuwe impuls. Hierdoor heeft mijn onderzoek aan relevantie gewonnen. De uitkomsten van het onderzoek kunnen bijdragen aan verdere ontwikkeling van het opleiden van docenten en het kwalitatief ondersteunen van het vak HVO en de sector als geheel.”

Gepost op: 31 januari 2017

Deze pagina delen