HVO wetenschappelijk op de kaart zetten

interview EvelineBegin april ontvingen alle HVO-docenten een vragenlijst in het kader van het promotieonderzoek naar het curriculum en de praktijk van het Humanistisch Vormingsonderwijs (HVO). Eveline Oostdijk, onderwijskundig medewerker bij Centrum voor Humanistische Vorming en promovenda aan de Universiteit voor Humanistiek, voert dit onderzoek uit: “In de lessen HVO hebben vakdocenten veel ruimte om een eigen invulling te geven aan de concrete vormgeving van het programma. Door middel van het afnemen van deze vragenlijst wil ik meer inzicht krijgen in de interpretaties die de docent maakt van het lesprogramma. Welke doelen hebben docenten met hun lessen HVO, hoe werken ze daar in de praktijk aan en in welke mate denken zij te kunnen bijdragen aan de realisatie van die doelen?”

Vorming en zingeving actueler dan ooit

Eveline licht toe wat het onderzoek kan betekenen voor de praktijk van HVO. “Laatst zei een vakdocente HVO tegen mij: ‘HVO draagt eigenlijk bij aan het in gang zetten van een ontwikkeling bij leerlingen.’ Dat vond ik heel mooi, want dat is precies wat ik wil onderzoeken. Ik wil niet alleen weten wat een leerling na een jaar HVO beter of anders doet, maar vooral ook wat de bijdrage van de HVO-docent aan dat vormingsproces is.” Door daar via onderzoek inzicht in te krijgen kan er een coherent en onderbouwd verhaal over HVO – in al haar verscheidenheid – worden gemaakt. “In deze periode is er bovendien hernieuwde aandacht voor vorming (Bildung) en zingeving in het onderwijs. Dat maakt het actueel en relevant om het vak HVO ook op een wetenschappelijke manier op de kaart te zetten!”

Verschillende onderzoeksmethoden

Eveline merkt op dat de vakdocenten HVO de kern van dit onderzoek vormen. “Onderzoek naar onderwijspraktijken is moeilijk omdat onderwijssituaties complexe situaties zijn. Dat is ook de reden waarom ik via verschillende onderzoeksmethoden het verhaal van de HVO-docent in kaart wil brengen. Bij het invullen van de vragenlijst helpt de HVO-docent het onderzoek door inzicht te geven in zijn of haar ideëen over de lessen. Wanneer ik de vakdocenten bezoek tijdens hun lessen, kunnen zij mij helpen inzicht te krijgen in wat zij daadwerkelijk doen. Door in de onderwijspraktijk te gaan kijken hoop ik recht te doen aan de complexiteit en zicht te krijgen op de manier waarop de docent zichzelf als instrument inzet om de ontwikkeling van leerlingen te stimuleren.”

Het vervolg

Inmiddels is het vragenlijstonderzoek afgerond. Nu is het zaak om de data te gaan analyseren. “Ik ben blij dat veel docenten de vragenlijst hebben ingevuld. Op basis van de resultaten wil ik een wetenschappelijk artikel gaan schrijven. Ik hoop daarin een mooi beeld te kunnen geven van wat docenten belangrijk vinden in hun lessen en op welke manier zij dat vervolgens concreet maken in de les”, aldus Eveline.

In de volgende fase van het onderzoek wil Eveline – via interviews en observaties – het geoperationaliseerde curriculum in kaart gaan brengen. Dat heeft vooral te maken met wat de docent daadwerkelijk doet. Ook wordt daarbij aandacht besteed aan de leerervaringen en leerresultaten van de leerlingen (het ervaren en geëffectueerde curriculum). “Deze zal ik onderzoeken door leerlingen te observeren en door hen vragen voor te leggen. Het lijkt me ook boeiend om verslagschriften van leerlingen te kunnen inkijken. Daarin is vaak veel te lezen over hoe leerlingen een HVO-les hebben ervaren en wat ze ervan hebben meegenomen.”

Vier interviews die zij met HVO-docenten hield in de beginfase van haar onderzoek, komen terug in het artikel Humanistische levensbeschouwelijke vorming. Levensbeschouwelijke vorming in het Nederlandse openbaar onderwijs, in het bijzonder HVO, dat Eveline samen met Wiel Veugelers schreef. Dit artikel werd gepubliceerd in Pedagogiek (oktober 2013, nr. 2, 33e jaargang, pp. 136-153).

(lees ook het interview met Eveline Oostdijk ‘Klein en groot denken: onderzoek naar het curriculum van HVO’)

Gepost op: 2 juni 2014

Deze pagina delen