Speelruimte in het systeem

Marijke van Meenen | 22 september 2014

Het seizoen 2014-2015 is geopend. De passepartouts zijn gekocht. Samen met collega Annemarie Geelhoed bezoek ik de aftrap van een nieuwe reeks onderwijsavonden van het NIVOZ . De lezing van Luc Stevens staat voor vanavond op het programma.

Het wordt me meteen duidelijk dat de hedendaagse tendens binnen het onderwijs om steeds meer in een meetcultuur te vervallen indruist tegen wat voor Stevens belangrijk is. “Wonderlijk,” zegt hij, “dat een kind een onvoldoende voor zijn ontwikkeling kan krijgen”. Deze uitspraak raakt mij diep. Het terrein waarmee ik mij al vanaf mijn vierde jaar (toen ik naar de kleuterschool ging) tot op heden bezig houd, is opvoeding in de breedste zin van het woord. Eigenlijk hou ik helemaal niet van het woord opvoeden. Liever gebruik ik de term ’liefdevol zorgen’ en tegelijkertijd ook ’liefdevol verwaarlozen’, in de zin van vrij laten. Het opgroeien van een kind, het worden tot mens, het zijn van student: het zijn allemaal processen die van alle kanten worden gemeten: voldoe je aan de ontwikkelingsmaatstaf die anderen hebben gemaakt? Haal je goede cijfers? Vind je een goede baan?

Bij het begeleiden van deze processen vind ik het belangrijk een balans te vinden tussen verantwoordelijkheid nemen voor en loslaten van mensen. Dit komt tot uiting in de manier waarop wij onze studenten opleiden en sluit nauw aan op onze visie op leren: vrije ruimte, ontwikkelingsmogelijkheden, kennis aanreiken, een spiegel voorhouden. Maar we hebben ook te maken met het moeten toetsen van onze studenten. In eerste instantie toetsen we omdat we het leerproces van de student willen ondersteunen en een bijdrage willen leveren aan deze menswording. Maar we toetsen ook omdat we willen voldoen aan de hbo-kwalificatiekaders. Kan een student een onvoldoende krijgen voor zijn ontwikkeling? Nee, maar de kennis die hij of zij op dat moment heeft, kan wel als onvoldoende aangemerkt worden. Dit brengt soms een spanning met zich mee.

“Laat systemen je niet sturen,” is een andere indrukwekkende uitspraak van Stevens, die me blijft achtervolgen in de dagen na afloop van de lezing. De bovengenoemde spanning tussen het lerarenopleider zijn met idealen en tegelijkertijd de wens om volwaardig in een onderwijssysteem mee te draaien zou met deze uitspraak opgelost kunnen worden, namelijk door niet te kiezen voor het systeem. Door een systeem gestuurd worden klinkt alsof je zelf geen invloed meer hebt. Het onderschrijven van de humanistische uitgangspunten van autonomie en zelfsturing sluit aan bij je niet willen laten sturen door systemen. Maar het is in mijn ogen onmogelijk volledig vrij te zijn van systemen. De vraag is wat onze speelruimte is, als opleiding en als mens.

Kritisch blijven reflecteren geeft ons de mogelijkheid buiten de grenzen van het systeem te kijken. Dit is iets wat ik persoonlijk en in mijn werk heel erg belangrijk vind. Dan blijft er ruimte voor meer dan alleen het meetbare. Wat voor mij lesgeven bijzonder maakt zijn de momenten waarop er echt contact is, en waarin je met elkaar onderzoekt en deelt wat je ten diepste bezig houdt. Dit kun je niet meten en misschien zelfs niet in woorden vangen. Zoals Stevens zegt: “Diepe kennis is altijd iets wat onuitspreekbaar is. ”

reageer

Bekijk ook de beeldblog van Annemarie Geelhoed: De leraar & de kunst van het mensworden

Deze pagina delen